De duizendpoot bestaat wel

oktober 15, 2009

Op een dag klom de duizendpoot in een boom en kon er niet meer uit. Hij wreef over zijn linkerduim, die hij ergens een eindje verder vond, en dacht na. Is dit nu vastzitten? Hm, ik had me er iets anders van voorgesteld. Hij vond juist dat er nu maar iemand langs moest komen om hem even gezelschap te houden, toen de tor voorbij wandelde.  ‘He tor! Zie je mij? Ik zit hier boven!’ De tor keek omhoog, maar zag niks. ‘Hoe bedoel je, “Ik zit hierboven?” Ik zie je niet hoor!’ ‘Maar ik zit hier heus! Kijk dan.’ De duizendpoot zwaaide met zijn rechtervoortand, die aan de laagste tak hing. Maar de tor was bijziend, dus dat had geen zin. ‘Nee hoor,’ zei de tor, ‘Ik zie je echt niet. Volgens mij besta jij niet.’ ‘Jawel, ik besta wel!’ ‘Nee.’ ‘Jawel!’ riep de duizendpoot uit. De tor schudde zijn hoofd en liep verder. Besta ik niet? vroeg de duizendpoot zich nu voor het eerst af. Maar als ik niet besta, dan zit ik ook niet vast in de boom. Dat vond hij wel een leuke gedachte. Weet je wat, zei de duizendpoot, laat ik tegen iedereen die langskomt zeggen dat ik niet besta. En hij wachtte totdat er iemand langskwam. Even later wandelde de kever voorbij. ‘Hallo kever,’zei de duizendpoot. ‘Ik besta niet. En ik zit ook niet vast in deze boom.’ ‘Nee,’zei de kever. ‘Er zit niemand vast in die boom.’ En de kever liep verder. Enigszins beteuterd bleef de duizendpoot zitten waar hij zat. Toen kwam het nijlpaard voorbij. ‘Nijlpaard?’ vroeg de duizendpoot aarzelend. ‘Weet jij of ik besta?’ ‘Ja hoor, je bestaat.’ zei het nijlpaard. En ze klom in de boom. ‘Want als jij niet bestaat, dan moet jij ook niet lachen als ik jou hier ga kietelen.’ De duizendpoot voelde wat gekriebel onder een van zijn voeten, en hij giechelde. ‘Zie je wel?’ zei het nijlpaard. ‘Ja,’ zei de duizendpoot met een grote glimlach om zijn mond. Het nijlpaard zat naast het hoofd van de duizendpoot, en ze keken tevreden voor zich uit. ‘Hoe is het eigenlijk om vast te zitten, duizendpoot?’ ‘Ach,’ zei die, ‘het valt wel mee, als je er eenmaal aan gewend bent. Maar leuk is anders.’ Het nijlpaard knikte. Ze keek hem van opzij aan. ‘Morgen ben je jarig, duizendpoot. Ik kan het aan je zien.’ ‘Oh ja?’ vroeg hij verrast. ‘Wat leuk.’ ‘Ik kom op je verjaardag,’ zei het nijlpaard. ‘Lijkt mij heel leuk.’ ‘Gezellig,’ zei de duizendpoot. ‘Neem je dan ook een taart en een cadeautje mee? Ik kan hier niks maken. Ze hebben er geen rekening mee gehouden dat ik ook een keuken nodig heb om een taart te maken.’ ‘Nee,’ zei het nijlpaard. ‘Ik zal wel een taart maken. Een hele mooie, waarop staat: “De duizendpoot is lief en hij woont in een boom en hij bestaat wel, want hij kan lachen als het nijlpaard onder zijn voetzool kietelt.”’ Het nijlpaard klom uit de boom en riep: ‘Doei! Tot morgen!’ ‘Tot morgen, nijlpaard.’ De duizendpoot zuchtte en ging even verzitten. Was het nou alvast maar morgen!

Hello world!

oktober 14, 2009

Welcome to WordPress.com. This is your first post. Edit or delete it and start blogging!


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.